Kenniscentrum
22 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht
- Samen maken we verduurzaming toegankelijker
Introductie Verduurzamingstoolbox tijdens InFinance Talkshow Kansen & Visies – vrijdag 27 februari 2026 Verduurzaming is niet meer weg te denken uit het hypotheekadvies. En toch hoor ik in de praktijk nog elke week hetzelfde: de informatie is versnipperd , regelingen veranderen, tools sluiten niet goed op elkaar aan en het is daardoor lastig om verduurzaming echt goed en efficiënt mee te nemen in het adviesgesprek . Juist daarom vind ik het waardevol dat we op vrijdag 27 februari 2026 in de InFinance Talkshow Kansen & Visies het gesprek voeren over een belangrijk kantelpunt: hoe maken we verduurzaming structureel toegankelijker voor adviseurs én consumenten? Tijdens de talkshow introduceren we de Verduurzamingstoolbox en brengen we beleid, praktijk en ketenpartijen bij elkaar om te bespreken waar we nu staan, wat beter kan en wat er nodig is om echt schaal te maken. Waarom een Verduurzamingstoolbox? De hypotheekadviseur krijgt steeds vaker vragen over isolatie, warmtepompen, subsidies, energielabels en financieringsmogelijkheden. Tegelijkertijd is het moeilijk om in het adviesproces: snel de juiste informatie te vinden, te bepalen wat relevant is voor de klant, én het vervolgens goed te borgen richting dossier en vervolgproces. De Verduurzamingstoolbox is bedoeld om die kloof te dichten: minder zoeken, meer toepassen . Niet als extra “losse tool”, maar als praktische ondersteuning die aansluit op de adviespraktijk. Talkshow: beleid, keten en adviespraktijk aan één tafel In de talkshow gaan Alex Klein en Dominique van de Heide Wijma in gesprek met een sterke mix van mensen die ieder een ander deel van de puzzel vertegenwoordigen: Jennifer op ’t Hoog – Directeur HDN Over ketensamenwerking en standaarden: wat is er nodig om verduurzaming echt goed in processen en systemen te laten landen? Anneke van Kempen – Beleidsmedewerker Energiebeleid Gebouwde Omgeving, ministerie van VRO Over de beleidskant: welke richting wordt ingezet en hoe zorgen we dat het in de praktijk werkbaar blijft? Maaike Verhoef – Eigenaar & adviseur, Advies met M.I.N.T. Over de werkelijkheid aan tafel: wat werkt wel, wat werkt niet, en waar lopen adviseurs dagelijks tegenaan? Frank Heuts – Senior Marketeer, Obvion Hypotheken Over de rol van geldverstrekkers: hoe sluit je aan op klantbehoeften en hoe maak je verduurzaming onderdeel van de dienstverlening? De kernvraag: wat moet er beter? Wat mij betreft draait het om drie verbeterpunten die steeds terugkomen: Eén begrijpelijk verhaal voor klant én adviseur Geen versnippering in bronnen, maar consistente informatie en logica. Toepasbaarheid in het adviesgesprek Verduurzaming moet niet “erbij” komen, maar inpasbaar zijn in het bestaande proces. Slimme inzet van data en tooling Niet meer handmatig puzzelen, maar ondersteuning met brondata en ketenafspraken die het werk juist lichter maken. Volg de talkshow Wil je weten hoe de Duurzaamheidstoolbox eruitziet, welke richting partijen kiezen en waar de kansen liggen voor adviseurs? Kijk dan mee met de InFinance Talkshow Kansen & Visies op vrijdag 27 februari 2026
- Verduurzaming binnen AFM-kaders: zo maak je het werkbaar in het hypotheekadvies (SEHkie 2026)
Verduurzaming is inmiddels een vast onderwerp aan de adviestafel. Toch hoor ik nog vaak hetzelfde van hypotheekadviseurs: de informatie is versnipperd, verandert continu en is lastig om “goed” te verwerken in het advies én het dossier . En precies daar zit de spanning: je wilt klanten vooruithelpen met concrete opties, maar je wilt ook netjes werken binnen de AFM-kaders voor inventarisatie, advies en dossiervorming . Daarom geef ik tijdens SEH Kennis & Innovatie Event 2026 (SEHkie 2026) een masterclass: “Verduurzaming in lijn met AFM-kaders: zo maak je het werkbaar in het hypotheekadvies.” Ik doe dit samen met Mieke Pels , Beleidsmedewerker Energietransitie Gebouwde Omgeving bij het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) . Vanuit VRO en HDN brengen we beleid, praktijk en ketenlogica bij elkaar — met één doel: verduurzaming praktisch en uitvoerbaar maken voor adviseurs . Wat je uit de masterclass haalt In de sessie zoomen we in op drie dingen waar het in de praktijk vaak misgaat (of onnodig ingewikkeld wordt): Wat vraagt verduurzaming van je adviesproces? Welke informatie heb je écht nodig in de inventarisatie, hoe verwerk je dit in je advies, en hoe zorg je dat de onderbouwing klopt in het dossier? Data en tooling als versneller (in plaats van extra werk) Welke rol kunnen data en slimme tooling spelen om het adviesgesprek juist eenvoudiger te maken — en niet zwaarder? Van inzicht naar implementatie in software en standaarden We delen concrete aanknopingspunten voor implementatie richting hypotheekadviesoftware en ketenstandaarden (waar HDN een belangrijke rol speelt).
- Expert review: NVM laat zien waarom “budgetneutraal verduurzamen” nu schaalbaar wordt
In deze NVM/brainbay-publicatie Duurzaam Wonen (december 2025) wordt verduurzaming eindelijk neergezet zoals het in de praktijk werkt: niet als morele keuze, maar als een financieel-rationele stap die waarde, comfort en betaalbaarheid samenbrengt. Wat mij als expert direct opvalt Energielabel is hard geld geworden. NVM/brainbay becijfert dat een woning met label A gemiddeld circa €74.000 meer waard is dan een vergelijkbare woning met label G (ongeveer 17% verschil), puur op energieprestatie. Verduurzamen betaalt zich meestal dubbel terug via woningwaarde. Op basis van 30.000 adviezen: isolatie levert gemiddeld een terugverdienfactor van 2,2 ; isolatie + installaties gemiddeld 1,9 . En in 87% (isolatie) tot 91% (combi) is de waardestijging groter dan de kosten—zelfs zónder subsidies in de berekening. De echte bottleneck is niet techniek, maar “houvast”. Labels zijn vaak verouderd, veel mensen handelen pas als de businesscase klopt, en kwetsbare groepen (lager inkomen, ouderen, VvE’s) lopen tegen drempels aan. Dat staat haaks op de marktdruk die NVM laat zien: kopers letten steeds meer op totale maandlasten (hypotheek + energie). Waarom dit één-op-één aansluit op de Verduurzamingstoolbox De NVM introduceert met de Verduurzamingsscan een richting die ik al langer zie als “de missing link”: direct na bezichtiging een concreet scenario-overzicht met maatregelen, kosten, energiebesparing, labelstap én verwachte waardestijging. Dat is precies wat je nodig hebt om verduurzaming in het hypotheekproces te krijgen: snel, vergelijkbaar, herhaalbaar en onderbouwd. Alleen: zolang dit soort inzichten “naast” het hypotheekadvies staan (pdf’s, losse tools, handwerk), schaal je niet. Je moet het in de klantreis en in de advies- en acceptatie systemen bouwen. De oplossing die hier logisch uit volgt Wat je nu kunt realiseren (en waar de Verduurzamingstoolbox voor bedoeld is), is een gestandaardiseerde set berekeningen en services die: Scenario’s doorrekent op maandlasten i.p.v. losse maatregelen Hypotheeklast (incl. energiebespaarbudget/bouwdepot) + energielast = nieuwe maandlast Doel: budgetneutraal of aantoonbaar “betaalbaar” (met bandbreedtes en aannames transparant) Label- en waarde effecten meeneemt als onderdeel van de businesscase Niet alleen “besparing”, maar ook onderpandwaarde / risico en dus relevant voor geldverstrekkers NVM-data laat zien dat de markt dit al prijst; dus je wil dit ook in je advieslogica hebben. Subsidies en lokale regelingen automatisch toepast Omdat het rapport expliciet benoemt dat juist doelgroepen met minder ruimte achterblijven, moet je drempels verlagen met automatische regeltoepassing en “wat kan ik nu doen?”-advies. Eén standaard voor meerdere adviespakketten Zodat adviseurs niet per pakket een andere uitkomst krijgen En je ketenpartners (banken, intermediairs, gemeenten) dezelfde waarheid laten gebruiken Mijn advies aan lezers Lees dit rapport niet als “weer een duurzaamheidsstuk”, maar als bewijs dat verduurzaming inmiddels marktlogica is. Wie dit slim integreert in software en processen, maakt verduurzaming: sneller bespreekbaar (minder zoektijd, meer zekerheid), beter financierbaar (maandlastgedreven), en beter opschaalbaar (standaard scenario’s + brondata). Als je dit interessant vindt voor jouw organisatie: de stap is nu om van losse tools naar ketenklare services te gaan—precies het gat dat de Verduurzamingstoolbox kan vullen.
- Kabinetsreactie op het advies "De Olifant onder de Kamer" over funderingsproblematiek
In deze kamerbrief (4 juli 2025) reageert het kabinet op het advies “De Olifant onder de kamer” over de snel groeiende funderingsproblematiek. De kern: funderingsschade raakt steeds meer woningen, met grote financiële én sociale impact, en vraagt een langjarige aanpak met samenwerking tussen Rijk, medeoverheden en marktpartijen (banken, verzekeraars, bouwsector). Het kabinet kiest voor een nationale aanpak met drie sporen: (1) de randvoorwaarden organiseren, (2) individuele woningeigenaren ondersteunen en (3) een gebiedsgerichte aanpak ondersteunen waar problemen zich opstapelen. Een belangrijk onderdeel is het opbouwen van betrouwbare data en risicomodellen en uiteindelijk één publieke informatievoorziening met funderingsinformatie, met regie op kwaliteit en standaardisatie. Ook wil het kabinet dat funderingsinformatie vroeg in het woningtransactieproces beschikbaar komt: idealiter al bij verkoop/advertentie, zodat kopers het kunnen meewegen vóórdat ze bieden. Daarom gaat het Rijk met marktpartijen (o.a. kredietverstrekkers) werken aan een standaard voor risico-inschatting, aanvullend onderzoek en gevolgen voor kredietverstrekking. Financieel is er voor 2025–2028 €56 miljoen beschikbaar voor de aanpak, plus €20 miljoen extra storting in 2026 voor het Fonds Duurzaam Funderingsherstel . Dat fonds heeft sinds 1 juli 2025 landelijke werking en ondersteunt eigenaren die financiering niet rond krijgen via de reguliere hypotheekmarkt. Tot slot start het kabinet met een gebiedsgerichte “leeraanpak” in o.a. Friesland, Emmen, Rivierenland, Zaanstad, Rotterdam en Dordrecht om kennis en interventies sneller te ontwikkelen en te delen.
- De Olifant onder de kamer
Een nationale aanpak funderingsproblematiek vanuit drie benaderingen De olifant onder de kamer: funderingsrisico hoort óók in de verduurzamingstoolbox Bij verduurzaming kijken we terecht naar isolatie, installaties en subsidies, maar er is nog een factor die vaak te laat wordt meegenomen: funderingsrisico . Het rapport “De Olifant onder de kamer” laat zien dat funderingsproblematiek een groeiend thema is en grote financiële impact kan hebben voor kopers. Funderingsschade hangt bovendien steeds vaker samen met veranderend klimaat : langdurige droogte kan grondwaterstanden verlagen en daarmee het risico vergroten, terwijl extreme neerslag en wateroverlast ook funderingen kan aantasten. Daarom past funderingsinformatie logisch in de verduurzamingstoolbox : het is niet alleen een financieel/technisch thema, maar óók klimaatadaptatie . Als de fundering onzeker is, beïnvloedt dat de waarde en financierbaarheid, maar ook hoeveel ruimte er nog is voor verduurzamingsinvesteringen. Het doel is niet om kopers af te schrikken, maar om eerder realistische keuzes te kunnen maken. Cruciaal is dat deze data niet pas bij taxatie of keuring opduikt, maar zo vroeg mogelijk in het proces beschikbaar is. Wat mij betreft hoort dat dus niet alleen bij de hypotheekadviseur, maar óók bij de makelaar, in de woningpresentatie of dataroom. Dan kan een koper het risico meewegen in bod, financiering en planning van maatregelen. Zo ontstaat een vollediger beeld van “wat kan wél, wat kan later, en wat vraagt eerst aandacht” — en voorkom je verrassingen achteraf.
- Waarom de EU Taxonomie vastloopt in vastgoed
De ambities zijn helder: een duurzame gebouwde omgeving. Toch worstelen banken met de Green Asset Ratio (GAR). Uit een gezamenlijke analyse van de EEM NL Hub en het Duitse VDP blijkt dat de regels vaak te complex zijn voor de praktijk. Knelpunt: Theorie vs. Praktijk De criteria van de EU Taxonomie sluiten niet goed aan bij nationale wetgeving zoals de EPBD. Hierdoor kunnen veel duurzame woningen niet als 'groen' worden gerapporteerd, wat de financiering remt. De Oplossingen Harmonisatie: Laat nationale NZEB-definities leidend zijn voor de 'Top 15%'. Vereenvoudiging: Accepteer standaard labelstappen in plaats van complexe PED-berekeningen voor renovaties. Data toegang: Creëer een wettelijke basis (National Access Point) zodat banken GDPR-proof bij EPC-data kunnen.
- Verduurzaming dient integraal in adviessoftware te komen volgens AFM, NHG en KPMG.
Gezamenlijke conclusie (NHG + AFM + KPMG): Alle drie bronnen wijzen dezelfde richting op: verduurzaming moet onderdeel worden van de standaard adviesworkflow. De noodzaak zit niet alleen in ‘maatschappelijke ambitie’, maar ook in uitvoerbaarheid (tijd/complexiteit) en verwachtingen aan het adviesproces. Daarom is een integratie met een ketenservice logisch: consistente data/regels/logica, herbruikbaar voor alle pakketten, met rapportage-output voor het dossier. Roadmap adviespakketten: NHG benoemt expliciet dat ‘verduurzaming volledig in de adviessoftware’ verankerd moet worden en dat versnippering via losse tools een knelpunt is. De AFM geeft aan dat verduurzaming in het adviestraject besproken hoort te worden (o.a. energielabel, leenruimte, productkeuze en financieringsopties). KPMG onderbouwt dat tijdsdruk en complexiteit structurele integratie belemmeren en dat praktische tools en gesprekshulpen tijd besparen en consistentie brengen.
- Inkomenseffecten van woningverduurzaming
Centraal Planbureau, TNO, Planbureau voor de Leefomgeving Verduurzamen loont vaak, maar vooral als de woning “past” bij de maatregel. In deze studie blijken woningkenmerken (zoals oppervlakte , bouwperiode en stookgedrag ) veel bepalender voor de financiële uitkomst dan inkomen. All-electric (elektrische warmtepomp + vergaande isolatie) is met het huidige beleid voor meer dan de helft van woningeigenaren en bijna de helft van particuliere huurders financieel gunstig. Voor circa 40% is dit zelfs de beste optie. Het werkt vooral goed bij kleinere woningen , omdat isoleren daar relatief minder kost. Bij corporatiewoningen maakt “ gratis isolatie ” all-electric voor vrijwel alle zittende huurders de meest aantrekkelijke keuze. Waar isoleren tot de isolatiestandaard niet rendabel is, is alleen een hybride warmtepomp vaak wél interessant: voor bijna driekwart van alle huishoudens is dit financieel gunstig, en voor ongeveer 40% van woningeigenaren en particuliere huurders de beste optie. Dit geldt met name voor grotere woningen , waar isoleren duurder uitvalt. Keerzijde: wie al een hybride warmtepomp heeft, voelt vaak minder prikkel om daarna nog vergaand na te isoleren. Het stimuleringsbeleid is cruciaal: zonder beleid is “niets doen” voor meer dan de helft financieel gunstiger; met beleid geldt dat nog maar voor 10% . Tegelijk zegt een positieve businesscase niet automatisch dat mensen het ook doen: financieringsbeperkingen, gedoe/overlast en andere prioriteiten zijn niet meegenomen. Ook zijn comfort, gezondheid en woningwaardestijging niet expliciet doorgerekend. Tot slot geeft de studie een statisch beeld: in de praktijk verloopt verduurzaming geleidelijk , mede door schaarste aan arbeid/materialen en beperkingen op het elektriciteitsnet. De analyse kijkt alleen naar het huishoudperspectief , niet naar maatschappelijke kosten en baten.
- De bank die je huis verduurzaamt terwijl je zelf bijna niets hoeft te doen. Wat is het idee daarachter?
Eva Smal NRC Proefproject Nederlandse bankieren financieren vooral hypotheken. Willen ze vergroenen, dan moeten ze ervoor zorgen dat de huizen die ze financieren duurzamer worden. Maar hoe doe je dat? ABN Amro hoopt de gouden oplossing hebben. Het is een moeizame strijd voor Nederlandse banken om hun grootste leningenportefeuille – die gevuld met hypotheekleningen – te vergroenen. ABN Amro grijpt daarom naar een vergaand middel: ze willen klanten bijna alles uit handen nemen bij de verduurzaming van hun huis. De bank begint daar deze dinsdag een proefproject in Zuid-Nederland mee. ABN Amro hoopt in de pilot 1.500 huiseigenaren te vinden bij wie het mogelijk is om hun huis qua energielabel vooruit te krijgen – bijvoorbeeld door isolatie of installatie van een waterpomp en/of zonnepanelen, zonder dat ze er qua maandlasten op achteruit gaan. Als bijvoorbeeld de financiële lasten iets stijgen doordat de hypotheeklening wordt verhoogd, moet dat gecompenseerd worden door een lagere energierekening. Voor die groep waarbij dit ‘gesloten beurs’-scenario zou moeten kunnen, wil de bank, samen met installatiebedrijven, het hele traject van offerte tot aan oplevering – en de aanvraag van een nieuw energielabel – zo veel mogelijk uit handen nemen. Beter energielabel, lagere rekening Voor retailbanken als ABN Amro is de vergroening van de hypotheekportefeuille een belangrijke – zo niet de belangrijkste – knop waar ze aan kunnen draaien als het gaat om het tegengaan van klimaatverandering en de vergroening van hun balans. Van de bijna 250 miljard euro aan leningen die de bank in 2024 had uitstaan, zat 150 miljard euro in huizenfinancieringen. Kort door de bocht vergroent een bank of een andere leningverstrekker diens hypotheekportefeuille door ervoor te zorgen dat de energielabels van alle huizen waar ze een lening voor verstrekt hebben, verbeteren. De vraag is echter hoe. Eerst moeten mensen hun huis verduurzamen. En daarna moet een nieuw label worden aangevraagd. Een label is echter alleen verplicht bij verkoop of verhuur; voor mensen die niet van plan zijn om te verhuizen heeft een nieuw label aanvragen meestal weinig zin. Veel mensen drempels ervaren drempels bij het verduurzamen van hun huis „Wat je tot nu toe ziet, is dat hypotheekverstrekkers een rentekorting geven aan mensen die al een mooi label hebben. Label A, soms nog B. Er worden vouchers uitgedeeld om zo’n label gratis te vernieuwen”, zegt Gitte van Haaren, baas van het hypotheekbedrijf van ABN Amro, in een videogesprek. „Sommige banken proberen ook wel klanten te adviseren hoe ze hun hun huis kunnen verduurzamen, maar dan moet de klant verder alles zelf doen.” Zo deed ABN Amro het tot nu toe ook. Anderhalf jaar geleden begon de bank klanten wel actief op te bellen, om ze te wijzen op de opties en eventuele subsidies. Zo’n aanpak bleek per saldo weinig verduurzaming op te leveren, gaf de bank toe in het jaarverslag. „En dat is wat we uiteindelijk willen”, stelt Van Haaren. „Ja, zo’n beter label is goed voor ons als bank; het zorgt ervoor dat we van de toezichthouder net wat minder kapitaal hoeven aan te houden.” Banken moeten ter bescherming tegen waardedaling door niet-klimaatbestendigheid van een huis extra kapitaal aanhouden. „Maar uiteindelijk willen we vooral dat meer huizen bewoonbaar blijven in de toekomst. We willen dat mensen niks extra’s hoeven te betalen en toch comfortabeler wonen en hun huis in waarde zien stijgen in plaats van dalen.” Directe aanleiding voor het woonproefproject is een rapport van afgelopen juni van onderzoeksinstituut TNO met het Centraal Planbureau en het Planbureau voor de Leefomgeving, twee belangrijke adviesorganen van de overheid. Zij onderzochten hoe financieel aantrekkelijk het is voor huishoudens van een eengezinswoning om hun woning te verduurzamen met de huidige subsidiemogelijkheden. Behoorlijk, was de conclusie. Negen op de tien huishoudens houden meer geld over na bijvoorbeeld de installatie van een warmtepomp in combinatie met isolatie. Mensen willen wel verduurzamen Voor Sandra Phlippen, sinds 1 januari chief sustainability officer van ABN Amro en daarvoor jarenlang hoofdeconoom van de bank, was dat rapport het zetje om de 700.000 panden te analyseren die haar bank financiert. Daaruit bleek dat voor ongeveer 450.000 panden verduurzaming mogelijk is met gesloten portefeuille – dus zonder dat de huiseigenaren er qua maandlasten op achteruitgaan. „Maar goed, dat was allemaal theorie”, zegt Phlippen. „De vraag was: hoe werkt dat in de praktijk, die verduurzaming ook echt in gang zetten?” ABN Amro zag dat veel mensen hun huis wel willen verduurzamen – volgens onderzoeksbureau Ipsos 60 procent van de Nederlanders – maar dat veel mensen drempels ervaren. Phlippen: „Je ziet dat mensen zowel overheden als leveranciers niet vertrouwen. Installateurs gaan failliet. Subsidieregelingen stoppen – als je je spaarrekening hebt leeggehaald om zonnepanelen op je dak te leggen, is nu nog maar de vraag of je daadwerkelijk lagere lasten houdt.” Mensen die alsnog toch willen, weten vaak niet waar ze moeten beginnen of denken niet voldoende financiële middelen te hebben, onderzocht ABN Amro samen met TNO. We moeten nu echt gaan bewijzen dat we van praten en rapporteren naar doen gaan Sandra Phlippen chief sustainability officer In het proefproject moeten al die drempels weg worden genomen. De bank heeft voor de 1.500 huiseigenaren die mee gaan doen installateurs gevonden die zelf wat winstmarge inleveren in ruil voor extra klanten, om het betaalbaar te krijgen. Die installateurs gaan berekenen of vergroening met gesloten portemonnee kan. Phlippen: „Die optie moet erin zitten. Ja, als mensen ook dubbel glas willen achter hun glas-in-lood, dan moeten ze dat zelf bekostigen. En als mensen hun thermostaat omhoog gaan draaien, ook na isolatie, dan lukt het wellicht ook niet om onder de streep niet duurder uit te zijn. Maar het idee is: als maandkosten bij gelijk gedrag gelijk blijven, gaan we aan de slag.” ABN Amro draagt naast de manuren voor het vinden van de installateurs, ook bij door klanten rentekorting te geven. Om zoveel mogelijk huiseigenaren in beweging te krijgen, wil de bank het beleid qua rentekorting aanpassen. Niet langer wordt alleen voor label A en B de rente wat verlaagd; ook als je van een F- of G-label je huis naar bijvoorbeeld C krijgt, kan je meedoen. Nieuwe duurzaamheidsstrategie Het project is onderdeel van de nieuwe duurzaamheidsaanpak van ABN Amro, die de bank afgelopen najaar begon – en waar zeventig van de vierhonderd mensen in het duurzaamheidsteam hun baan om verloren . Het streven is om duurzaamheid minder te vatten in het schrijven van algemene rapporten, en meer in de praktijk te integreren, in het contact met klanten. Phlippen, die de strategie mede schreef, mag die in haar nieuwe functie als hoofd duurzaamheid ook gaan uitvoeren – zoals met dit huizenproject. ABN Amro zal het project na drie tot zes maanden evalueren. Lukt het de bank om mensen mee te laten doen? Hoe is de conversie: hoeveel mensen moeten ze benaderen om 1.500 mensen mee te laten doen? Lukt de ‘gesloten beurs’? Phlippen, die al jarenlang in kranten en op televisie pleit voor meer aandacht voor klimaatopwarming en energietransitie, vindt het project als nieuwe directeur duurzaamheid spannend, zegt ze. „Het moet wel echt gaan lukken. Dit is heel belangrijk voor mij. We moeten nu echt gaan bewijzen dat we van praten en rapporteren naar doen gaan. Anders zijn we niet geloofwaardig.”. Als het werkt, is ABN Amro niet van plan om op het ei van Columbus te gaan zitten. Phlippen: „Nee, de raad van bestuur zei direct tegen mij toen ik dit presenteerde: als dit werkt, gaan we dit met de hele sector zo doen in Nederland.”
- AFM-richtlijn voor hypotheekadvies fundering en verduurzaming
Deze richtlijn beschrijft elementen van goede adviespraktijk zoals door de AFM omschreven. Het document dient als voorbeeld van hoe een adviseur kan voldoen aan de wettelijke vereisten voor het geven van passend advies. Het betreft een marktconsultatie, met als doel de richtlijn te verbeteren op basis van inzichten uit de Nederlandse hypotheekmarkt. Toelichting: Op deze marktconsultatie zal worden gereageerd (er wordt input aangeleverd om de richtlijn aan te scherpen/verbeteren).










